Straffeloos

een gouden sikkel,
bij de heilige eik,
blinkend in de maneschijn

o, duivelsgras …

de witgeklede druïde,
op de kortste dag,
de tak opgevangen

o, kersterhout …

zij, zwanger van liefde,
boven haar deur
het lijmkruid gehangen

o, heksennest …

zou hij, vredig onwetend,
op onschuldig bezoek,
eronder gaan staan?

o, vogellijm …

straffeloos zou hij,
naar oud gebruik,
gekust mogen worden

o, slangentong …

mistel, boomkruid, maretak,
kostelijk commensaal,
laat hen lijmen, tongen, vogelen

Copyright Degenaar, M. (2020)